Hoogwaardige Hematologische & Oncologische zorg in alle Friese ziekenhuizen.

FEC palliatief (mamma)

Versie:
0.95
Publicatiedatum:
6 november 2018
Indicatie: palliatieve behandeling mammacarcinoom
   
Aantal kuren: 6 of tot progressie
   
Cyclus: 1 x 21 dagen
   
Inclusie:

WHO performance status ≤ 2

adequate nier-, lever-, beenmerg-, en cardiale functie

   
Exclusie: congestief hartfalen (LVEF <45%)
   
Onderzoek:

voorafgaand aan eerste kuur:

  • lab. baseline: Routine lab (afhankelijk van arts)
  • lengte en gewicht
 

lab. voor iedere kuur:

  • bloedbeeld + diff (afhankelijk van arts) voor iedere kuur: pols, temp, RRen gewicht
  • indien klinisch geïndiceerd: creatinine, MUGA scan of echo-cor, bilirubine, ASAT/ALAT
  • WHO performance status

Behandelschema

Medicatie

Dosering

Toedieningswijze / dag

1

fluorouracil

500 mg/m2

i.v., in 100 ml NaCl 0.9%

x

epirubicine

  70 mg/m2

i.v., in 250 ml NaCl 0.9%, via een snellopend infuus

x

cyclofosfamide

250 mg/m2

i.v., in 100 ml NaCl 0.9%

x

Toediening/infuuslijst: Toedieningsschema FEC palliatief
   
Emetogeniteitsklasse 4: Hoog (risico > 90%)
   
Bijwerkingen: www.sibopmaat.nl
   
Premedicatie: Direct voor de toediening van epirubicine ter preventie van vaatirritatie/kramp/pijn door epirubicine:

1 ampul (= 100 mg + 2 ml resolvens) hydrocortison HCL, onverdund, direct, via infuusnaald toedienen.

   

Kuur specifieke aandachtspunten:

  • Epirubicine niet over de pomp laten lopen i.v.m. verergering problemen bij mogelijke extravasatie.
  • Epirubicine  kan ernstige gevolgen hebben bij extravasatie, voor aanhangen controle infuus d.m.v. hevelproef.
  • Epirubicine kan cardiotoxiciteit veroorzaken.
  • Cyclofosfamide kan een prikkelend gevoel in de neus of druk op het voorhoofd geven -> indien dit het geval is toediensnelheid verlagen.
   
Overgevoeligheidsreacties:

Kunnen optreden bij toediening FEC.

Actie:

  • Staak in dat geval de toediening en sluit een NaCl 0,9% infuus aan (op een 3-weg kraantje) en waarschuw een arts.
  • Controleer de vitale functies.
  • Start adequate behandeling in opdracht van de arts.

 

Herstart in overleg met arts.

   
Calamiteiten:  
 
  •  Extravasatie:
  • Stop toediening/infuusnaald in situ laten, arm hoog leggen.
  • Zoveel mogelijk bloed optrekken uit infuus naald (3-5 ml).
  • Arts waarschuwen.
  • Voor specifieke maatregelen zie crashkaart.
  • Extravasatie registreren in dossier en VIM.

 

Voor overige maatregelen en andere specifieke maatregelen zie crashkaart en ziekenhuis eigen protocollen.

   
Besmettingsduur excreta: fluorouracil 2 dagen, epirubicine 6 dagen, cyclofosfamide 3 dagen
   
Ontslag:
  • Afspraken volgende kuur meegeven
  • Labaanvraag
  • Medicatie/ recepten regelen

FROHON richtlijnen dosisaanpassingen

  • fluorouracil
  • epirubicine
  • cyclofosfamide

Dosisaanpassing

  • Hematologisch

Beenmergtoxiciteit

ANC x 109 (op dag van chemotherapie)

0.5 tot < 1,0

uitstel behandeling tot herstel en overweeg toevoeging G-CSF bij vervolgbehandelingen.

< 0.5

uitstel behandeling tot herstel en overweeg toevoeging G-CSF bij vervolgbehandelingen. Bij reeds bestaande behandeling met G-CSF dosis reductie fluorouracil, epirubicine, cyclofosfamide  met 25% voor vervolgbehandelingen.

Febriele neutropenie

uitstel behandeling tot herstel en overweeg toevoeging G-CSF bij vervolgbehandelingen. Bij reeds bestaande behandeling met G-CSF dosis reductie fluorouracil, epirubicine, cyclofosfamide  met 25% voor vervolgbehandelingen.

Trombocyten

50 tot < 100

uitstel behandeling tot herstel

< 50

uitstel behandeling tot herstel en dosis reductie fluorouracil, epirubicine, en cyclofosfamide  met 25% voor vervolgbehandelingen
  • Andere niet-hematologische toxiciteit

Niertoxiciteit

Kreatinine Klaring (ml/min)

30 – 50

dosis reductie cyclofosfamide met 25%

< 30

dosis reductie cyclofosfamide met 50%

Levertoxiciteit

Leverdysfunctie

minimaal

 

milde

 dosis reductie epirubicine met 25%

matig

 dosis reductie epirubicine met 50% en fluorouracil met 25%

ernstig

 stop epirubicine, dosisreductie fluorouracil met 50% of stop chemotherapie

Mucositis en stomatitis

CTC Gradering

Graad 2

uitstel behandeling tot herstel naar graad 1 of minder en vermindering dosis met vervolgkuren met:

1e  optreden: geen dosis reductie

2e optreden: dosis reductie fluorouracil, epirubicine en cyclofosfamide met 25%

3e optreden: dosis reductie fluorouracil, epirubicine en cyclofosfamide  met 50%

4e optreden: chemotherapie  stop

Graad 3 of 4

uitstel behandeling tot herstel naar graad 1 of minder en vermindering dosis met vervolgkuren met:

1e optreden: dosis reductie fluorouracil, epirubicine en cyclofosfamide  met 50%

2e optreden: chemotherapie stop

Diarree

CTC Gradering

Graad 2

uitstel behandeling tot herstel naar graad 1 of minder en vermindering dosis met vervolgkuren met:

1e  optreden: geen dosis reductie

2e optreden: dosis reductie fluorouracil, epirubicine  en cyclofosfamide met 25%

3e optreden: dosis reductie fluorouracil, epirubicine  en cyclofosfamide met 50%

4e optreden: chemotherapie stop

Graad 3 en 4

uitstel behandeling tot herstel naar graad 1 of minder en vermindering dosis met vervolgkuren met:

1e optreden: dosis reductie fluorouracil, epirubicine en cyclofosfamide met 50%

2e optreden: chemotherapie  stop

Bron(nen)

  • BC Cancer Agency Drug Manual
  • eviQ, cancer treatments online