ERposHERpos

Medische informatie

Versie:
5.1
Publicatiedatum:
28 februari 2019
Auteur(s):
Dr. H. (Hiltje) de Graaf Dr. B. (Bart) Rikhof Dr. G.J. (Gerrit-Jan) Veldhuis Drs. J. (Jaap) de Boer Dr. Ing. S. (Sjoerd) Hovenga

Behandelingen neo-adjuvant/curatief en adjuvant/curatief

De curatieve behandeling mammacarcinoom bestaat uit een locoregionale behandeling en een systemische behandeling. Bij de systemische behandeling wordt al bij diagnose en in de preoperatieve mammacarcinoombespreking eerst nagedacht of er voor de locoregionale behandeling een indicatie is voor neo-adjuvante systemische behandeling. De indicatie adjuvante systeemtherapie wordt in de postoperatieve multidisciplinaire mammabespreking definitief vastgelegd en bespreking en uitvoering valt onder hoofdbehandelaarschap internist-oncoloog.

Studiedeelname

Er wordt bij iedere behandeling eerst gekeken of de behandeling in de Friese regio in studieverband kan plaatsvinden, omdat dit voor de vooruitgang bij de behandeling van borstkanker in zijn algemeen en soms ook voor de patiënt zelf voordeel op kan leveren. Er wordt als er geen studie in de Friese regio is of geen standaard behandeling is, gekeken naar mogelijkheden andere landelijke studiedeelname.

Neo-adjuvant

Neo-adjuvante systemische therapie

Bij neo-adjuvante systemische therapie wordt grotendeels gebruik gemaakt van dezelfde middelen als bij adjuvante therapie, maar het schema kan wel anders zijn. Het effect op ziektevrije overleving en totale overleving is niet verschillend. Bij neo-adjuvante behandeling kan informatie gekregen worden over het effect van de systemische therapie op de tumor en kan een extra doel zijn om de tumor preoperatief te verkleinen en daarmee een borstsparende behandeling mogelijk te maken. Er kan ook een consequentie m.b.t. behandeling okselklieren uit voortvloeien. Het compleet verdwijnen van de tumor en/of lymfeklieren wordt als gunstig gezien.

Verder wordt de term neo-adjuvante behandeling ook gebruikt bij een vergevorderde borstkanker (stadium III), waarbij het doel gericht is op mogelijk maken chirurgie en maximale lokale behandeling.

Voorwaarden voor start van neo-adjuvante therapie stadium II

  • Neo-adjuvante systemische therapie bij stadium II mammatumoren wordt alleen gegeven als er ten tijde van de diagnose al een indicatie bestaat voor systemische therapie. Dit is bij N+, tumoren > 2cm, HER/neu-positief of triple negatief.
  • Op histologisch biopt: bepalen van ER- en PR-receptoren en HER/neu
  • Preoperatief nauwkeurig vastleggen van de initiële tumorgrootte en uitbreiding door middel van MRI scan. Screening op afstandsmetastasen d.m.v. PET CT scan bij N+ of grotere (cT3, cT4) N0 tumoren of op indicatie van het mammateam. Echo oksel wordt ook standaard gedaan en indien suspectie LK lymfeklieren (LK) hierbij cytologie LK oksel.
  • Zaadmarkering tumor voor start van de chemotherapie en indien okselklieren klinisch en bij echo negatief: Schildwachtklier (SWK) procedure postoperatief. Als de lymfeklieren positief zijn dan ook zaadmarkering van de okselklier voor start van de chemotherapie.

Voorwaarden voor start van neo-adjuvante therapie stadium III

Neo-adjuvante systemische therapie is geïndiceerd bij locoregionaal uitgebreid mammacarcinoom (stadium III).

  • Keuze van de systemische therapie is conform bij stadium II
  • cT4 tumoren fotograferen om uitbreiding in de huid vast te leggen

Neo-adjuvante endocriene therapie

Er wordt gestart met een aromataseremmer (letrozol of anastrozol) bij een postmenopauzale vrouw. Binnen de Friese regio is er voor gekozen om de aromataseremmer exemestaan in deze setting niet te gebruiken, ook al is dit middel even effectief. Het doel kan zijn vermijden van lokale behandeling bij patiënten op hoge leeftijd met comorbiditeit, waarbij de problemen van de borstkanker ondergeschikt lijken aan de het individu. Een man met borstkanker wordt met tamoxifen behandeld.

Premenopauzaal wordt zelden gebruik gemaakt van neo-adjuvant endocrien. Als dit wel gebeurt, dan bij patiënten < 40 jaar en nog premenopauzaal i.c.m. LHRH (gosereline 3,6 mg s.c. 1 x per 4 weken). Als het doel een borstsparende behandeling is, dan is belangrijk, dat de neo-endocriene behandeling voldoende tijd krijgt om effectief te zijn. Dit betreft dan een periode van > 3 maanden, maar ook een periode van 6-9 maanden is mogelijk.

Neo-adjuvante doelgerichte therapie/anti HER behandeling i.c.m. chemotherapie

De neo-adjuvante behandeling is verschillend van de adjuvante behandeling. Met als doel een complete respons te halen wordt neo-adjuvant meer chemotherapie en 2 anti-HER middelen gegeven. Anti-HER behandeling wordt ook wel doelgerichte behandeling genoemd (de term immunotherapie wordt ook wel gebruikt, maar deze is strikt genomen niet correct). De volledige chemotherapie en een deel van de anti-HER behandeling wordt voor de operatie gegeven. De chemotherapie bestaat uit 18 x paclitaxel i.c.m. 9 x carboplatin. De anti-HER behandeling voor de operatie bestaat uit 9 x pertuzumab en 9 x trastuzumab (cyclus 1 x per 3 weken). Na de chemotherapie en na de operatie gaat de anti-HER behandeling met alleen trastuzumab tot totaal 1 jaar trastuzumab door.

Let op: HER/neu wordt in deze 70+ groep niet standaard bepaald.

Adjuvant/curatief

Adjuvante systemische therapie

De systemische middelen zijn grotendeels hetzelfde als bij neo-adjuvante systemische therapie en hebben hetzelfde effect op ziektevrije en totale overleving. Bij de bespreking van het behandelvoorstel met de patiënt en familie wordt tot leeftijd 70 jaar standaard gebruik gemaakt van predict, een programma wat de prognose zonder en met adjuvante behandeling voorspelt, en als patiënt dit wil wordt deze prognostische informatie gedeeld.

Patiënten met mammacarcinoom komen postoperatief in aanmerking voor adjuvante chemotherapie als er op 10 jaar ziektevrije > 10% en totale overleving absoluut > 3% winst te halen is. Hiervoor zijn landelijke criteria opgesteld.

Er kan op indicatie aanvullend een genexpressieprofiel, zoals de Mammaprint® overwogen worden, indien er een indicatie en patiënten motivatie is voor adjuvante chemotherapie. Een mammaprint is niet van toegevoegde waarde als de indicatie tot behandeling al sterk genoeg is en dit is het geval bij HER-expressie ongeacht ER-pos of ER-negatief.

Adjuvante endocriene therapie

De indicatie tot adjuvante endocriene therapie wordt gesteld afhankelijk van gradering, T en N status en er is een indicatie voor adjuvante endocriene behandeling volgens onderstaand schema indien ER > 10% en/of PR > 10%, waarbij dit onafhankelijk van leeftijd en HER2 status is.

 

 

Bij ER+ tumoren (HER-positief en HER-negatief), postmenopauzale patiënten, zijn er drie qua overlevingswinst evenwaardige schema’s, waarbij onze standaard een sequentiële behandeling van 5 jaar met twee tot drie jaar tamoxifen gevolgd door drie tot twee jaar letrozol of anastrozol is. Dit heet ook wel de switchbehandeling. Tweede optie is starten met letrozol of anastrozol gevolgd door tamoxifen. De derde optie bestaat uit 5 jaar letrozol of anastrozol. Als er een contra-indicatie voor letrozol en anastrozol bestaat, is behandeling gedurende 5-10 jaar met tamoxifen een iets minder effectief, maar goed alternatief. Wanneer hinderlijke artralgie of een andere bijwerking op hormonale behandeling optreed kan een ander type worden geprobeerd. Er bestaat vanuit ziektewinst geen bepaalde voorkeur voor één van de drie geregistreerde aromataseremmers in Nederland, maar omdat de aromataseremmer exemestaan i.c.m. doelgerichte therapie everolimus bij goed hormoon gevoelig mammacarcinoom in gemetastaseerde ziekte als behandellijn na letrozol of anastrozol ingezet kan worden, wordt meestal gekozen in de adjuvante setting voor letrozol of anastrozol.

Verlengde endocriene behandeling na 5 jaar wordt postmenopauzaal gedaan met letrozol of anastrozol bij N+ gedurende 2-3 jr. Er is geen winst op overleving, maar wel beperkt op ziektevrije overleving van verlengde endocriene therapie aangetoond. Het restrisico na 5 jaar adjuvant endocrien moet hoog genoeg zijn om dit te adviseren.
Indien premenopauzaal en leeftijd < 40 jaar wordt 5-10 jaar tamoxifen en 2 tot 5 jaar leuproline geadviseerd. Bij patiënten met een BRCA1/2 genmutatie is definitieve ovariële uitschakeling d.m.v. dubbelzijdige adnexectomie een evenwaardige endocriene behandeling t.o.v. leuproline. Het effect van leuproline op menopauze is volledig omkeerbaar.
Indien premenopauzaal en leeftijd > 40 jaar wordt 5 -10 jaar tamoxifen geadviseerd. Voor mannen is het advies 5-10 jaar tamoxifen.

 

NB Aromataseremmers werken niet bij intacte ovariële functie en zijn dus als enkelvoudige endocriene therapie gecontra-indiceerd bij premenopauzale vrouwen. Vrouwen die door de chemotherapie postmenopauzaal geworden zijn komen ook voor 5-10 jaar tamoxifen in aanmerking.

Verlengde endocriene behandeling na 5 jaar wordt premenopauzaal gedaan met tamoxifen gedurende nogmaals 5 jaar. Te benoemen is, dat er pas 5 jaar na staken van 10 jaar tamoxifen gebruik, een kleine winst op overleving is aangetoond.

Adjuvante immunotherapie/doelgerichte therapie i.c.m. endocriene therapie

Deze combinatie behandeling wordt niet gebruikt.

Adjuvante doelgerichte therapie/anti HER behandeling i.c.m. chemotherapie

De behandeling is adjuvant anders dan het neo-adjuvante schema. Adjuvant wordt er minder chemotherapie en niet 2, maar 1 anti-HER middel gebruikt. Het intensievere  neo-adjuvante schema heeft in de adjuvante setting geen bewezen voordeel.

Bij HER/neu-positieve tumor ≥ T1b (0,5-1 cm) wordt, ongeacht andere kenmerken behandeling geadviseerd met 12 x paclitaxel + trastuzumab -12 x trastuzumab en bij tumoren > 3 cm N0 of N1 is het advies 4 x AC-12 x paclitaxel + trastuzumab -12 x trastuzumab. Bij patiënten > 70 jaar kan deze behandeling ook overwogen worden.

Let op: HER/neu wordt in deze 70+ groep niet standaard bepaald.

Timing en volgorde

Chirurgie en systeemtherapie timing en volgorde

Het is belangrijk dat de behandelingen op elkaar aansluiten. Na neo-adjuvante behandeling wordt de operatie > 2 en < 5 weken na de laatste chemotherapie gepland. Immunotherapie kan rond operatie of bestraling door gepland worden.

Bij adjuvante endocriene therapie wordt de behandeling adjuvant < 5 weken vanaf de operatiedatum gestart. Dit kan gecombineerd worden met bestraling.

Bij N0 volgt postoperatief eerst een geïndiceerde bestraling en daarna start de immunotherapie/doelgerichte therapie i.c.m. chemotherapie > 2 en < 5 weken gerekend vanaf de laatste bestralingsdatum.

Bij N+ start na de operatie en voor de bestraling de immunotherapie/doelgerichte therapie i.c.m. chemotherapie < 5 weken gerekend vanaf de laatste operatiedatum.

Radiotherapie en chemotherapie of immunotherapie/doelgerichte therapie i.c.m. chemotherapie timing en volgorde

Adjuvante chemotherapie wordt bij N+ voor de radiotherapie en bij N0 na de radiotherapie gestart. Het is belangrijk, dat er minimaal 2 tot 3 weken zit tussen einde bestraling bij borstsparende behandeling en start chemotherapie of immunotherapie/doelgerichte therapie i.c.m. chemotherapie, maar conform de richtlijnen van de NBCA wel < 5 weken. De NBCA heeft deze indicator vanaf 2014 verruimd en als volgt gedefinieerd; “Percentage patiënten met een wachttijd van ≤ 5 weken tussen radiotherapie en aanvang adjuvante chemotherapie”. Er wordt bij de bestraling namelijk een hypofractioneringsschema met geïntegreerde boost bij borstsparende behandeling, gegeven wat betekent dat in 3 à 4 weken een hoge dosis op de gehele mamma wordt gegeven. De acute toxiciteit ontstaat meestal aan het einde of in de week na de laatste bestraling. Te vroeg starten met de chemotherapie kan een flare-up geven van deze radiatie-toxiciteit, wat kan leiden tot meer fibrose van de mamma.

Studies/Named Patient Programs

Bij diagnose, behandeling en registratie van het mammacarcinoom lopen veel wetenschappelijke studies. Hiervoor is een landelijke organisatie, de Borstkanker Onderzoek Groep (BOOG). In de Friese regio wordt aangesloten bij deze landelijke studies. De studies zijn opgezet voor alle fasen van borstkanker. Er is een nauwe relatie met de patiëntenvereniging middels de patiënten adviesgroep. Studies bij borstkanker kunnen vallen onder verschillende hoofdonderzoekers, waarbij voor locoregionale behandeling dat een mammachirurg, radiotherapeut of internist-oncoloog is. Bij gemetastaseerde ziekte is de hoofdonderzoeker de internist-oncoloog. De studies die niet onder de internist-oncoloog vallen zijn niet in dit overzicht opgenomen. Verdere informatie is te vinden onder info@boogstudycenter.nl of http://www.boogstudycenter.nl/.

 

Named patient programs betreft medicatie, die nog niet standaard is, maar waar via een speciale regeling wel voor een individuele patiënt belangrijk kan zijn. Informatie hierover komt in het gesprek tussen internist-oncoloog en patiënt zo nodig aan de orde.

 

Zie ook de niet tumorspecifieke informatie en studies CPCT (Center Personalized Cancer Treatment) en SDM (Shared Decision Making).

CPCT is een niet specifiek op het mammacarcinoom gerichte studie, maar zodra er geen standaard behandelingen beschikbaar zijn, dan kunnen ook patiënten met mammacarcinoom hiervoor in aanmerking komen. SDM is een niet specifiek op het mammacarcinoom gerichte studie, maar betreft ook patiënten met mammacarcinoom.

Kuren Neo-adjuvant curatief

PTC-Pertuzumab

Medicament

Dosis

Route

Dag

paclitaxel

80 mg/m2

i.v.

1 + 8

carboplatin

AUC 6

i.v.

1

trastuzumab + pertuzumab

6 mg/kg/21 d of 600 mg sc per 21 dagen + 420 mg

i.v. of s.c.

i.v.

1

 

1

trastuzumab

6 mg/kg/21 dagen of 600 mg s.c. per 21 dagen

i.v. of s.c.

1

Aantal cycli

9 x paclitaxel dag 1 + 8 1 x per 21 dagen + 9 x carboplatin 1 x per 21 dagen + 17 x trastuzumab per 21 dagen + 9 pertuzumab1 x per 21 dagen. Trastuzumab is het enige middel wat nog doorgaat na de 9 cycli en na de operatie.

Emetogeniteitsklasse 4 en 1

hoog (risico > 90%) (paclitaxel-carboplatin) en minimaal (risico < 10%) (trastuzumab en pertuzumab)

Indicatie(s)

neo-adjuvant HER-pos

 

Toelichting

Opladen trastuzumab i.v. 1e kuur met 8 mg/kg. Sc trastuzumab hoeft niet opgeladen. Duur trastuzumab is totaal 1 jaar (niet inhalen uitgestelde kuren).

Opladen pertuzumab 1e kuur 840 mg i.v.

Tamoxifen-Leuproreline

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

leuproline

3,6 mg

sc.

1/28

Aantal cycli

5 -10 jaar tamoxifen en 2-5 jaar leuproline

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant, premenopauze < 40 jr, ER+

Toelichting

Leuproline bij voorkeur 5 jaar gebruiken. Standaard 5 jaar tamoxifen en beperkte winst op overleving 10 jaar tamoxifen. Bij vervroegd geïnduceerde menopauze cave ontwikkeling osteoporose.

Tamoxifen

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

5-10 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant, premenopauze > 40 jaar en man met borstkanker ER+

Toelichting

Standaard 5 jaar tamoxifen en beperkte winst op overleving 10 jaar tamoxifen.

Tamoxifen-Anastozol of Letrozol (switch)

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

Continu 2-3 jr.

letrozol

2,5 mg

p.o.

Continu 3-2 jr.

anastrozol

1 mg

p.o.

Continu 3-2 jr.

Aantal cycli

2-3 jaar tamoxifen en 3-2 jaar anastrozol of letrozol. Totaal 5 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+

Toelichting

Keuze maken tussen anastrozol of letrozol.

Letrozol of Anastrozol

Medicament

Dosis

Route

Dag

letrozol

2,5 mg

p.o.

continu

anastrozol

1 mg

p.o.

continu

Aantal cycli

5 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+ pos

Toelichting

Keuze maken tussen letrozol of anastrozol.

Verlengd Tamoxifen, Letrozol of Anastrozol

Medicament

Dosis

Route

Dag

letrozol

2,5 mg

p.o.

1dd1

anastrozol

1 mg

p.o.

1dd1

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

2,5 jr. verlenging anastrozol of letrozol. 5 jr. verlenging tamoxifen

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+

Toelichting

Er is een beperkte winst op overleving aangetoond van verlengd tamoxifen van 5 naar 10 jaar en dit wordt geadviseerd als de bijwerkingen van de behandeling acceptabel zijn. Na 5 jaar tamoxifen is winst aangetoond op overleving van verlengd endocrien met 2,5 jaar letrozol of anastrozol bij postmenopauzale patiënten. Na de switch behandeling, waarbij al 2-3 jaar een aromataseremmer is gebruikt is een kleine winst op ziektevrije overleving van 2,5 jaar extra letrozol of anastrozol aangetoond, wat toegepast kan worden bij een hoog rest risico na 5 jaar behandeling.

Kuren Adjuvant curatief

AC-Paclitaxel-Trastuzumab

Medicament

Dosis

Route

Dag

adriamycine

60 mg/m2

i.v.

1

cyclofosfamide

600 mg/m2

i.v.

1

paclitaxel +

trastuzumab

80 mg/m2/week en 6 mg/kg/ 21 dagen of 600 mg sc per 21 dagen

i.v.

i.v. of s.c.

1

trastuzumab

6 mg/kg/ 21 dagen of 600 mg s.c. per 21 dagen

i.v. of s.c.

1

Aantal cycli

4 x AC 1x per 21 dagen + 12 x paclitaxel 1 x per 7 dagen + trastuzumab 17c 1 x per 21 dagen

Emetogeniteitsklasse 4 en 1

hoog (risico > 90%) (AC) en minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

adjuvant HER-positief

Toelichting

Opladen trastuzumab i.v. 1e kuur met 8 mg/kg. Sc trastuzumab hoeft niet opgeladen. Duur trastuzumab is totaal 1 jaar (niet inhalen uitgestelde kuren).

Paclitaxel-Trastuzumab

Medicament

Dosis

Route

Dag

paclitaxel +

trastuzumab

80 mg/m2/week en 6 mg/kg/ 21 dagen of 600 mg sc per 21 dagen

i.v.

i.v. of s.c.

1

trastuzumab

6 mg/kg/ 21 dagen of 600 mg sc  per 21 dagen

i.v. of s.c.

1

Aantal cycli

12 x paclitaxel 1 x 7 dagen + trastuzumab 17 x trastuzumab 1 x per 21 dagen

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

adjuvant HER-positief

Toelichting

Opladen trastuzumab i.v. 1e kuur. Sc trastuzumab hoeft niet opgeladen. Duur trastuzumab is totaal 1 jaar (niet inhalen uitgestelde kuren).

Tamoxifen-Leuproreline

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

leuproline

3,6 mg

sc.

1/28

Aantal cycli

5 -10 jaar tamoxifen en 2-5 jaar leuproline

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

adjuvant, premenopauze < 40 jr, ER+

Toelichting

Leuproline bij voorkeur 5 jaar gebruiken. Standaard 5 jaar tamoxifen en beperkte winst op overleving 10 jaar tamoxifen. Bij vervroegd geïnduceerde menopauze cave ontwikkeling osteoporose.

Tamoxifen

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

5-10 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

adjuvant, premenopauze > 40 jaar en man met borstkanker ER+

Toelichting

Standaard 5 jaar tamoxifen en beperkte winst op overleving 10 jaar tamoxifen.

Tamoxifen-Anastozol of Letrozol (switch)

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

Continu 2-3 jr.

letrozol

2,5 mg

p.o.

Continu 3-2 jr.

anastrozol

1 mg

p.o.

Continu 3-2 jr.

Aantal cycli

2-3 jaar tamoxifen en 3-2 jaar anastrozol of letrozol. Totaal 5 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+

 

Toelichting

Opladen trastuzumab i.v. 1e kuur met 8 mg/kg. Sc trastuzumab hoeft niet opgeladen. Duur trastuzumab is totaal 1 jaar (niet inhalen uitgestelde kuren).

Opladen pertuzumab 1e kuur 840 mg i.v.

Tamoxifen-Leuproreline

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

leuproline

3,6 mg

sc.

1/28

Aantal cycli

5 -10 jaar tamoxifen en 2-5 jaar leuproline

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

secundair adjuvant, premenopauze < 40 jr, ER+

Toelichting

Leuproline bij voorkeur 5 jaar gebruiken. Standaard 5 jaar tamoxifen en beperkte winst op overleving 10 jaar tamoxifen. Bij vervroegd geïnduceerde menopauze cave ontwikkeling osteoporose.

Tamoxifen

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

5-10 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

secundair adjuvant, premenopauze > 40 jaar en man met borstkanker ER+

Toelichting

Standaard 5 jaar tamoxifen en beperkte winst op overleving 10 jaar tamoxifen.

Tamoxifen-Anastozol of Letrozol (switch)

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

Continu 2-3 jr.

letrozol

2,5 mg

p.o.

Continu 3-2 jr.

anastrozol

1 mg

p.o.

Continu 3-2 jr.

Aantal cycli

2-3 jaar tamoxifen en 3-2 jaar anastrozol of letrozol. Totaal 5 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+

Toelichting

Keuze maken tussen anastrozol of letrozol.

Letrozol of Anastrozol

Medicament

Dosis

Route

Dag

letrozol

2,5 mg

p.o.

continu

anastrozol

1 mg

p.o.

continu

Aantal cycli

5 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+ pos

Toelichting

Keuze maken tussen letrozol of anastrozol.

Verlengd Tamoxifen, Letrozol of Anastrozol

Medicament

Dosis

Route

Dag

letrozol

2,5 mg

p.o.

1dd1

anastrozol

1 mg

p.o.

1dd1

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

2,5 jr. verlenging anastrozol of letrozol. 5 jr. verlenging tamoxifen

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+

Toelichting

Er is een beperkte winst op overleving aangetoond van verlengd tamoxifen van 5 naar 10 jaar en dit wordt geadviseerd als de bijwerkingen van de behandeling acceptabel zijn. Na 5 jaar tamoxifen is winst aangetoond op overleving van verlengd endocrien met 2,5 jaar letrozol of anastrozol bij postmenopauzale patiënten. Na de switch behandeling, waarbij al 2-3 jaar een aromataseremmer is gebruikt is een kleine winst op ziektevrije overleving van 2,5 jaar extra letrozol of anastrozol aangetoond, wat toegepast kan worden bij een hoog rest risico na 5 jaar behandeling.

Kuren Secundair adjuvant bij lokaal recidief

AC-Paclitaxel-Trastuzumab

Medicament

Dosis

Route

Dag

adriamycine

60 mg/m2

i.v.

1

cyclofosfamide

600 mg/m2

i.v.

1

paclitaxel +

trastuzumab

80 mg/m2/week en 6mg/kg/ 21 dagen of 600 mg sc per 21 dagen

i.v.

i.v. of s.c.

1

trastuzumab

6 mg/kg/ 21dagen of 600 mg s.c. per 21 dagen

i.v. of s.c.

1

Aantal cycli

4 x AC 1 x per 21 dagen + 12 x paclitaxel 1 x per 7 dagen + trastuzumab 17c 1 x per 21 dagen

Emetogeniteitsklasse 4 en 1

hoog (risico > 90%) (AC) en minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

(Secundair) Adjuvant HER-positief

Toelichting

Opladen trastuzumab i.v. 1e kuur met 8 mg/kg. Sc trastuzumab hoeft niet opgeladen. Duur trastuzumab is totaal 1 jaar (niet inhalen uitgestelde kuren).

Paclitaxel-Trastuzumab

Medicament

Dosis

Route

Dag

paclitaxel +

trastuzumab

80 mg/m2/week en 6 mg/kg/ 21 dagen of 600 mg sc per 21 dagen

i.v.

i.v. of s.c.

1

trastuzumab

6 mg/kg/ 21 dagen of 600 mg s.c. per 21 dagen

i.v. of s.c.

1

Aantal cycli

12 x paclitaxel 1 x 7 dagen + trastuzumab 17 x trastuzumab 1 x per 21 dagen

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

(Secundair) Adjuvant HER-positief

Toelichting

Opladen trastuzumab i.v. 1e kuur. Sc trastuzumab hoeft niet opgeladen. Duur trastuzumab is totaal 1 jaar (niet inhalen uitgestelde kuren).

Tamoxifen-Leuproreline

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

leuproline

3,6 mg

sc.

1/28

Aantal cycli

5 -10 jaar tamoxifen en 2-5 jaar leuproline

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

adjuvant, premenopauze < 40 jr, ER+

Toelichting

Leuproline bij voorkeur 5 jaar gebruiken. Standaard 5 jaar tamoxifen en beperkte winst op overleving 10 jaar tamoxifen. Bij vervroegd geïnduceerde menopauze cave ontwikkeling osteoporose.

Tamoxifen

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

5-10 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

adjuvant, premenopauze > 40 jaar en man met borstkanker ER+

Toelichting

Standaard 5 jaar tamoxifen en beperkte winst op overleving 10 jaar tamoxifen.

Tamoxifen-Anastozol of Letrozol (switch)

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

Continu 2-3 jr.

letrozol

2,5 mg

p.o.

Continu 3-2 jr.

anastrozol

1 mg

p.o.

Continu 3-2 jr.

Aantal cycli

2-3 jaar tamoxifen en 3-2 jaar anastrozol of letrozol. Totaal 5 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+

Toelichting

Keuze maken tussen anastrozol of letrozol.

Letrozol of Anastrozol

Medicament

Dosis

Route

Dag

letrozol

2,5 mg

p.o.

continu

anastrozol

1 mg

p.o.

continu

Aantal cycli

5 jr.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+ pos

Toelichting

Keuze maken tussen letrozol of anastrozol.

Verlengd Tamoxifen, Letrozol of Anastrozol

Medicament

Dosis

Route

Dag

letrozol

2,5 mg

p.o.

1dd1

anastrozol

1 mg

p.o.

1dd1

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

2,5 jr. verlenging anastrozol of letrozol. 5 jr. verlenging tamoxifen

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

neo-adjuvant en adjuvant, ER+

Toelichting

Er is een beperkte winst op overleving aangetoond van verlengd tamoxifen van 5 naar 10 jaar en dit wordt geadviseerd als de bijwerkingen van de behandeling acceptabel zijn. Na 5 jaar tamoxifen is winst aangetoond op overleving van verlengd endocrien met 2,5 jaar letrozol of anastrozol bij postmenopauzale patiënten. Na de switch behandeling, waarbij al 2-3 jaar een aromataseremmer is gebruikt is een kleine winst op ziektevrije overleving van 2,5 jaar extra letrozol of anastrozol aangetoond, wat toegepast kan worden bij een hoog rest risico na 5 jaar behandeling.

Behandelingen palliatief

Palliatieve behandelingen bij mammacarcinoom kunnen bestaan uit locoregionale en systemische therapie. In principe wordt bij het stellen van de diagnose gemetastaseerde ziekte, stadiëringsonderzoek gedaan en zo mogelijk opnieuw histologisch onderzoek ter beoordeling tumorkenmerken, die veranderd kunnen zijn t.o.v. de primaire tumor. Tumormarkers in het bloed worden alleen ingezet als er geen meetbare/evalueerbare ziekte is om het effect van de behandeling te evalueren. De systemische therapie, ook wel medicamenteuze behandeling genoemd, wordt gegeven onder hoofdbehandelaarschap van de internist-oncoloog en kan bestaan uit combinaties van endocriene therapie:

(hormonen van de hypothalamus, hormonen en antihormonen en oestrogenen), chemotherapie, doelgerichte behandelingen zoals anti-HER behandeling of proteïnekinaseremmers, CDK4/6 remmers, immunotherapie, ondersteunende behandelingen zoals calciumregulerende middelen (botversterkende medicatie) en glucocorticoïden.

Studiedeelname

Er wordt bij iedere behandeling eerst gekeken of de behandeling in de Friese regio in studieverband kan plaatsvinden, omdat dit voor de vooruitgang bij de behandeling van borstkanker in zijn algemeen en soms ook voor de patiënt zelf voordeel op kan leveren. Er wordt als er geen studie in de Friese regio is of geen standaardbehandeling is, gekeken naar mogelijkheden andere landelijke studiedeelname. Dit betreft dan vaak fase 1 en 2 onderzoeken en/of named patient programs.

Standaardbehandelingen

Onder palliatief valt de behandeling voor gemetastaseerde ziekte en worden verschillende lijnen van behandeling gegeven. De 1e lijns behandeling hangt af van de tumorkenmerken, uitgebreidheid van de metastasen, de klachten die de metastasen geven, geslacht en de menopauzestatus van de patiënt. De kans op clinical benefit (respons en stabiele ziekte) is 50-70% met een mediane responsduur van 12-18 maanden (maar kan zeer variabel zijn!) bij ER-positieve tumoren en 1e lijns endocriene behandeling. De kans op respons is 40-60% met een mediane responsduur van 8-12 maanden bij gebruik van 1e lijns chemotherapie.

Endocriene therapie

Eerste lijns behandeling van keuze is endocrien bij ER-positief mammacarcinoom. Premenopauzaal 1e keuze tamoxifen (+ leuproreline < 40 jaar). Postmenopauzaal letrozol of anastrozol, de niet-steroidale aromataseremmers. Als patiënt deze middelen kortgeleden (< 1jaar geleden) in de adjuvante setting heeft gehad, kan gekozen worden voor exemestaan, een steroïdale aromataseremmer of tamoxifen. Als de 1e lijn endocriene behandeling voldoende effectief is geweest naar beoordeling van de internist-oncoloog dan zal de volgende lijn ook een endocriene behandeling kunnen zijn. Tweede lijns endocrien premenopauzaal bestaat uit inductie van de postmenopauze en de behandelingen daarna zijn als in de postmenopauze. Tweede lijns behandeling postmenopauzaal is tamoxifen. Zolang de bijwerkingen en het beloop van de ziekte dit toelaat kan doorgegaan worden met endocriene therapie. Er is geen goede volgorde van endocriene middelen evidence based vast te stellen en dit valt onder de expertise internist-oncoloog. Endocriene middelen, die in 3e lijn en verder ingezet kunnen worden zijn ook megestrol of medroxyprogesteron (dit zijn progestagenen), fulvestrant of ethinylestradiol. Endocriene therapie kan gecombineerd worden met immunotherapie en met monoclonale antilichamen bij HER/neu-positieve tumoren.

Immunotherapie/doelgerichte therapie/anti-HER behandeling i.c.m. endocriene therapie

De anti-HER behandeling wordt ook geschaard onder doelgerichte therapie. Bij HER/neu-positieve tumoren, kan de combinatie trastuzumab met endocriene therapie overwogen worden. Er is geen vaste afspraak wanneer dit ingezet zou kunnen worden, maar op basis van het werkingsmechanisme zou een deel van de patiënten hiervan kunnen baat kunnen hebben.

Let op: pertuzumab i.c.m. trastuzumab in 1e lijn en TDM1 in 2e lijn kunnen niet ingezet worden (geen vergoeding) als de patiënt eerder endocrien i.c.m. trastuzumab heeft gehad. De combinatie lapatinib als proteïnekinaseremmer met endocriene therapie heeft geen voordelen bij patiënten laten zien en wordt daarom niet gebruikt. Immunotherapie i.c.m. endocriene therapie heeft nog geen plaats. 

Immunotherapie/doelgerichte therapie i.c.m. chemotherapie

Als de tumor HER/neu-positief is, en de patiënt komt in aanmerking voor chemotherapie, dan wordt in de 1e lijn aan de chemotherapie twee monoclonaal antilichamen toegevoegd. Dit bestaat uit de combinatie van de twee doelgerichte middelen, de monoclonale antilichamen, trastuzumab en pertuzumab en 3-wekelijks docetaxel als chemotherapie. De trastuzumab en pertuzumab gaat door als de chemotherapie stopt als onderhoudsbehandeling tot de progressie of cardiotoxiciteit. Tweede lijns behandeling bestaan uit trastuzumab-emtansine (TDM-1). Bij progressie hieronder zijn verdere behandellijnen trastuzumab met vinorelbine, trastuzumab met capecitabine of capecitabine met het doelgerichte middel, de proteïnekinaseremmer, lapatinib. Bij hersenmetastasen wordt er mogelijk voordeel gezien van de combinatie lapatinib met capecitabine. De combinatie lapatinib met trastuzumab is geen standaardbehandeling. Van nieuwere middelen zoals neratinib wordt meerwaarde bij hersenmetastasen verwacht, maar dit middel kan nog niet worden gebruikt. Immunotherapie icm endocriene therapie heeft nog geen plaats.

Studies/Named Patient Programs

Bij diagnose, behandeling en registratie van het mammacarcinoom lopen veel wetenschappelijke studies. Hiervoor is een landelijke organisatie, de Borstkanker Onderzoek Groep (BOOG). In de Friese regio wordt aangesloten bij deze landelijke studies. De studies zijn opgezet voor alle fasen van borstkanker. Er is een nauwe relatie met de patiëntenvereniging middels de patiëntenadviesgroep. Studies bij borstkanker kunnen vallen onder verschillende hoofdonderzoekers, waarbij voor locoregionale behandeling dat een mammachirurg, radiotherapeut of internist-oncoloog is. Bij gemetastaseerde ziekte is de hoofdonderzoeker de internist-oncoloog. De studies die niet onder de internist-oncoloog vallen zijn niet in dit overzicht opgenomen. Verdere informatie is te vinden onder info@boogstudycenter.nl of www.boogstudycenter.nl.

 

Named patient programs betreft medicatie, die nog niet standaard is, maar waar via een speciale regeling wel voor een individuele patiënt belangrijk kan zijn. Informatie hierover komt in het gesprek tussen internist-oncoloog en patiënt zo nodig aan de orde.

 

Zie ook de niet tumorspecifieke informatie en studies CPCT (Center Personalized Cancer Treatment) en SDM (Shared Decision Making).

CPCT is een niet specifiek op het mammacarcinoom gerichte studie, maar zodra er geen standaardbehandelingen beschikbaar zijn, dan kunnen ook patiënten met mammacarcinoom hiervoor in aanmerking komen. SDM is een niet specifiek op het mammacarcinoom gerichte studie, maar betreft ook patiënten met mammacarcinoom.

Kuren Palliatief

Docetaxel-Trastuzumab-Pertuzumab

Medicament

Dosis

Route

Dag

docetaxel

75 mg/m2

i.v.

1

trastuzumab

6 mg/kg of 600 mg

i.v. of s.c.

1

pertuzumab

420 mg

i.v.

1

       

trastuzumab

6mg/kg/ 21 dagen of 600 mg per 3 weken

i.v. of s.c.

1

Aantal cycli

Cyclusduur 21 dagen. Streven naar tenminste 8 cycli docetaxel tenzij neurotoxiciteit. Trastuzumab i.c.m. pertuzumab tot progressie of cardiotoxiciteit.

Emetogeniteitsklasse 2

laag (risico 10-30%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd HER/neu+

Toelichting

Opladen trastuzumab 1e kuur 8 mg/kg. i.v. 1e kuur. S.c. hoeft niet opgeladen.

Opladen pertuzumab 1e kuur 840 mg.

TDM1

Medicament

Dosis

Route

Dag

trastuzumab-emtansine

3,6 mg/kg

i.v.

1

Aantal cycli

Tot progressie

Emetogeniteitsklasse 2

laag (risico 10-30%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd, HER/neu+

Toelichting

Doelgerichte behandeling gecombineerd met chemotherapie in 1 medicament.

Vinorelbine-Trastuzumab

Medicament

Dosis

Route

Dag

vinorelbine

30 mg/m2/week

i.v.

1

trastuzumab

2 mg/kg/week of 600 mg per 3 weken

i.v. of sc

1

trastuzumab

6 mg/kg/ 21d of 600 mg per  3 weken

i.v. of sc

1

Aantal cycli

Tot progressie, cyclus 1 x per week. Indien stop vinorelbine, wel door trastuzumab 1 x per 3 weken.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd, HER/neu+ pos.

Toelichting

Opladen trastuzumab i.v. 1e kuur. S.c. hoeft niet opgeladen.

Capecitabine-Lapatinib

Medicament

Dosis

Route

Dag

capecitabine

1000 mg/m2 2dd

p.o.

1-14

lapatinib

1250 mg 1dd (4 tbl. à 250 mg)

p.o.

1 dd

Aantal cycli

Tot progressie 1 x per 21 dagen.

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd, HER/neu-positief 3e lijn

Toelichting

DPD bepalen in bloed. Indien heterozygoot, 50-75% dosering, indien homozygote dpd deficiëntie geen capecitabine geven. Bij leeftijd > 70 jaar of comorbiditeit overweeg start 1000 mg/m2 2 x dd.

Tamoxifen-Leuproreline

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd

leuproreline

3,6 mg

sc.

1x/28 dagen

Aantal cycli

tot progressie

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

Premenopauzaal (onafhankelijk leeftijd), gemetastaseerd, ER+

Letrozol of Anastrozol

Medicament

Dosis

Route

Dag

letrozol

2,5 mg

p.o.

1dd1

anastrozol

1 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

tot progressie

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

Postmenopauzaal, gemetastaseerd, ER+

Exemestaan-Everolimus

Medicament

Dosis

Route

Dag

exemestaan

25 mg

p.o.

1dd1

everolimus

10 mg

p.o.

1dd

Aantal cycli

tot progressie

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd, ER+

Exemestaan

Medicament

Dosis

Route

Dag

exemestaan

25 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

Tot progressie

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd, ER+

Tamoxifen

Medicament

Dosis

Route

Dag

tamoxifen

20 mg

p.o.

1dd1

Aantal cycli

tot progressie

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd postmenopauzaal, ER+

Megestrol of Medroxyprogesteron

Medicament

Dosis

Route

Dag

megestrol

160 mg

p.o.

1dd1

medroxyprogesteron

500 mg

p.o.

1dd

Aantal cycli

Tot progressie

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd, ER+ en endometriumcarcinoom

Toelichting

Megestrol is alleen via de internationale apotheek te verkrijgen. Dit moet op het recept vermeld.

Fulvestrant

Medicament

Dosis

Route

Dag

fulvestrant

500 mg

i.m.

1 x /28 dagen

Aantal cycli

Tot progressie

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd, ER+

Toelichting

Eenmalig na 14 dagen 1 x extra fulvestrant 500 mg i.m. (diep in bilspier) geven.

Ethinylestradiol

Medicament

Dosis

Route

Dag

ethinylestradiol

0,05 mg 4 tbl./ opbouwen

p.o.

1dd

Aantal cycli

tot progressie

Emetogeniteitsklasse 1

minimaal (risico < 10%)

Indicatie(s)

gemetastaseerd, ER+

Toelichting

Dosering is niet vastgelegd. Gestart zou kunnen worden met 0,2 mg/dag.